Zeiltalenten Lilian de Geus, Maxime Jonker, Kiran Badloe en Nicholas Heiner gedreven op weg naar realisatie Olympische (gouden) droom Volle vaart vooruit!

Volle vaart vooruit!

Vier toptalenten, één doel: de Olympische Zomerspelen van Tokyo. Gedreven werken Lilian de Geus, Maxime Jonker, Kiran Badloe en Nicholas Heiner al jaren aan het realiseren van hun sportieve droom, die in de zomer van 2020 werkelijkheid moet worden. Ik volg de zeilers sinds eind 2017, vanaf de wal, op de voet. Meteen na de Spelen moet dat een ‘open’ boek opleveren over hun weg naar Tokyo en bij kwalificatie hun ervaringen op de Spelen zelf. In deze uitgave van Sportjaar 2019 een pré-olympische tussenstand van ieders reilen en zeilen. Volle vaart vooruit!  

Volle vaart vooruit, dat gaat zeker op voor Lilian de Geus. Afgelopen sportjaar pakt de windsurfster voor de kust van het Deense Aarhus de wereldtitel in de RS:X-klasse. Door een tweede plek tijdens een World Cup een paar weken later op het Olympische water in Tokyo, verzekert ze zich bovendien als eerste Nederlandse sporter van een ticket voor de Spelen van 2020.

Opnieuw succesvol

Onderweg naar het WK van Aarhus spreek ik de trainer/coach van Lilian de Geus, ‘kampioenen-maker’ Jacco Koops. Eerder leidde hij de zeilsters Lobke Berkhout en Marcelien de Koning naar drie wereldtitels en zilver op de Spelen van 2008. Een vervolg met het duo Lobke Berkhout en Lisa Westerhof is opnieuw succesvol: een wereldtitel in 2009 en Olympisch brons op de Spelen van 2012. Momenteel focust Koops zich volledig op de route van Lilian de Geus naar en op de Zomerspelen van Tokyo.

Jacco Koops op weg naar Aarhus: “Heel eerlijk, wat het resultaat in Denemarken wordt maakt me niet zoveel uit. Ik ben heel tevreden over de stappen die Lilian de afgelopen maanden heeft gezet. Dat vind ik belangrijker met het oog op het grotere doel, de Spelen. Natuurlijk is een gouden medaille op het WK heel mooi, ook goed voor de motivatie, goed voor het zelfvertrouwen. Maar ik denk niet dat een tegenvallend resultaat, bijvoorbeeld zesde of achtste, van invloed is op het totaalverhaal. Lilian is inmiddels volwassen genoeg als sportvrouw om daarvan niet in de war te raken. Ze weet welke weg we bewandelen, ze kent de lijn en weet dat het goed zit.”

Heel prettig

Het verloop in Aarhus is bekend. Lilian de Geus heeft haar eerste wereldtitel binnen. Lilian de Geus: “Ik ging voor een medaille. Gedurende de week kwam in Aarhus het geloof dat de kleur goud kon zijn. Technisch zit het bij mij altijd goed, fysiek was ik ook helemaal in orde. En door de ontwikkeling die ik heb doorgemaakt in de eerste helft van 2018 op tactisch en strategisch vlak, merkte ik dat mijn basisniveau is verhoogd. Ik ben constanter geworden. De negatieve uitschieters zijn minder diep. Ik ben gewoon slimmer gaan varen”, vertelt Lilian de Geus, vol vertrouwen een kleine twee jaar voor de Spelen.

“Lilian ligt voor op schema”, weet Jacco Koops. Een schema dat moet leiden naar Olympisch goud. “Een medaille was op het WK het doel, het is goud geworden. Wel heel prettig. Lilian doet nu twee jaar voor datum ervaringen op die om de hoek komen kijken als je kampioen wordt. Denk daarbij aan alle media-aandacht. Ze kan nu mooi ervaren hoe daar het beste mee om te gaan. Stel je voor dat dat haar voor het eerst zou overkomen vlak voor de Spelen, dan kan het van invloed zijn op je presteren. Nu heeft ze de tijd om ook op dat vlak te groeien, om mentaal zo sterk te worden dat ze zich door niets of niemand laat beïnvloeden.”

Met evenveel drive als voor de wereldtitel en de definitieve kwalificatie voor de Spelen, vervolgt Lilian de Geus samen met Jacco Koops het traject naar Tokyo. “Weet je wat het mooie is?”, zegt Jacco Koops op vragende toon, zonder vervolgens ruimte te laten voor het geven van het antwoord. Hij vervolgt zelf meteen: “Lilian is nu al een absolute wereldtopper, maar we zien samen nog volop punten die duidelijk kunnen worden verbeterd. Op het vlak van voeding, op tactische en strategische punten, maar in bepaalde wind- en wateromstandigheden ook op technisch vlak. Slaagt Lilian erin dit pré-olympisch jaar ook deze puzzelstukken te leggen, dan wordt het voor de concurrentie moeilijk haar te verslaan. Dan wordt ze gewoon dominant in haar klasse.”

Kopje onder

Gaat het Lilian de Geus geheel voor de wind, Maxime Jonker ervaart op haar weg naar Tokyo tegenwind. Sterker, twee jaar voor de Spelen is er nog slechts een minieme kans op deelname. Zoals in elke zeildiscipline, mag er ook in de Laser Radiaal-klasse slechts één deelnemer per land worden afgevaardigd. Maxime Jonker moet afrekenen met niemand minder dan regerend Olympisch kampioen Marit Bouwmeester. En dat lijkt, met het oog op 2020, teveel gevraagd. Terwijl Lilian de Geus in Aarhus gloreert, gaat Maxime Jonker figuurlijk kopje onder.

“De grootste teleurstelling van mijn leven”, vertelt Maxime Jonker een paar maanden later. “Ik had er zo naartoe geleefd. Het ging de eerste dagen ook zo goed. Ik geloofde zelfs in een medaille. Sterker, even kwam de gedachte in me op ‘dadelijk ga ik nog winnen!’. En dan, één slechte dag, alles weg. Heel zuur, heel verdrietig. Op dat moment valt je droom in het water.”

Maxime Jonker geldt als een begenadigd talent. Als meisje van zes begint ze in de Optimist-klasse, waarna ze de overstap maakt naar de Laser 4.7. De periode in deze boot wordt afgesloten met het winnen van het EK in 2011, waarna ze de stap maakt naar de Olympische boot, de Laser Radiaal. Met winst op zowel het EK als het WK U17 maakt de zeilwereld definitief kennis met het talent van Maxime Jonker. Voordat ze de leeftijd van de senioren heeft bereikt, haalt ze (naast een gymnasiumdiploma) nog twee wereldtitels binnen. Haar entree in het seniorenveld is met een negende plaats op het WK in 2015 ook veel belovend.

Mentale hardheid

Maar de grote doorbraak blijft vooralsnog uit. Hoewel, in 2018 lijkt die doorbraak toch te komen. Na een tweede plek op het EK (achter Marit Bouwmeester) moet het in ogen van Maxime Jonker op het WK in Aarhus gebeuren. “Het ging gewoon goed. Op die ene dag na. Ik miste die dag scherpte en wat mentale hardheid”, analyseert Maxime Jonker.

De woorden ‘mentale hardheid’ vallen. Veel kenners zien hierin de sta-in-de-weg voor Maxime Jonker richting haar grote doorbraak. De voorbije jaren heeft ze met behulp van een mental coach op dit vlak al grote stappen gezet. Helaas nog niet voldoende om Marit Bouwmeester de baas te zijn. Maar wel al voldoende om niet te lang bij de pakken neer te zitten. “Er zijn duidelijke punten waaraan ik nog kan werken. Zeker op mentale vlak. Ik heb daarop de voorbije jaren al veel stappen gemaakt, maar het kan en moet nog beter. Ik heb nog teveel als iets tegenzit dat ik ga denken ‘jezus, wat nu?’. Ik til te zwaar aan tegenslag. Hoe klein ook. Daarmee moet ik anders leren omgaan.”

Maxime Jonker kan enkel nog naar de Spelen als Marit Bouwmeester door ziekte of blessure moet afhaken. “Dat wens ik haar natuurlijk niet. Maar mocht het gebeuren, dan moet ik er wel staan”, geeft Maxime Jonker aan, een teken dat ze de knop weer volledig op ‘stand toekomst’ heeft gezet. Sterker, een paar maanden na haar ‘grootste teleurstelling’ zegt ze vol overtuiging: “Ik wil wereldkampioen worden. Is het niet dit sportjaar, dan in één van de komende jaren. En ik ben nog jong. Tokyo is niet mijn laatste kans op deelname aan de Spelen.”

Kier en Door

Top om te horen uit de mond van Maxime Jonker. Alle reden om haar, hoe miniem de kans op deelname ook is, te blijven volgen tot en met Tokyo 2020. Zoals ook Kiran Badloe, die gelijk aan Maxime Jonker de regerend Olympisch kampioen op zijn pad vindt richting de Spelen. Daar waar Maxime Jonker Marit Bouwmeester als klasse-genoot heeft, treft Kiran Badloe de gouden medaillewinnaar van Londen 2012 én Rio 2016: Dorian van Rijsselberghe.

In hun sportieve omgeving worden Kiran Badloe en Dorian van Rijsselberghe ‘Kier’ en ‘Door’ genoemd. Het tweetal is elkaars concurrent op weg naar Tokyo, maar zien elkaar veel meer (en liever) als vrienden en als het ideale duo om samen te trainen. Uniek is dan ook het kwalificatiesysteem voor de Spelen voor de twee windsurfers in de RS:X-klasse.

Dorian van Rijsselberghe en Kiran Badloe hebben hun eigen plaatsingsreglement mogen bedenken. In hun opzet valt de beslissing pas een paar maanden voor de Spelen. Wie opgeteld en wel het beste presteert op de WK’s van afgelopen jaar, dit pré-olympisch jaar en vooraf aan Tokyo volgend jaar, pakt het ticket.

Naar grotere hoogte

Kiran Badloe ziet in het samen optrekken en de gekozen kwalificatiewijze enkel logica en voordelen. “Gaan we gescheiden verder, dan wordt het kwalificeren niet makkelijker. Ik zal Dorian toch moeten verslaan. Maar wat dan wel moeilijker wordt is presteren op de Spelen. Wij brengen elkaar nog altijd naar grotere hoogte. Blijven we samen trainen, dan is de kans groot dat we een niveau krijgen waarop een medaille op de Spelen eigenlijk zeker is. Gaan we apart verder, dan is de kans reëel dat we in Tokyo slechts vijfde of zesde worden. Da’s niet waarvoor we gaan. Dorian niet. Ik niet.”

Vol lof is Kiran Badloe ook over coach en trainer Aaron McIntosh. “Dat ik door Aaron ben gevraagd om me onder zijn leiding bij Dorian aan te sluiten, is cruciaal voor mijn sportieve loopbaan. Hij weet als geen ander wat je moet doen om een absolute topper te worden. En wat je daarvoor juist niet moet doen. Hij heeft het zelf allemaal meegemaakt. Hij heeft zoveel kennis.”

“Ik zie Aaron als een soort alleskunner. Hij is mijn trainer, hij is mijn coach, ook op het mentale vlak. Nee, ik heb geen speciale mental coach nodig. Behalve de rol van fysio en arts vult Aaron alles in. Bij hem kan ik alles kwijt. Alles kan ik met hem bespreken. Hij voelt precies aan wanneer ik een compliment nodig heb en wanneer ik juist een prikkel kan gebruiken om tot het gaatje te gaan, om op moeilijke momenten niet op te geven maar juist door te zetten.”

“De grote kracht van zijn aanpak is dat hij perfectie tot de normale standaard maakt. In alles. Van het optuigen van je plank tot hoe je in het water gaat. En zeker ook bij het ontwikkelen van je techniek.”

Uitdager

Kiran Badloe heeft er veel baat bij. Hij gaat dit pré-olympisch sportjaar in als serieuze uitdager van Dorian van Rijsselberghe. In Aarhus pakt Kiran Badloe op het WK een tweede plek achter zijn concurrent, vriend en trainingspartner. Niemand kijkt meer op als de verhoudingen dit en/of volgend jaar zijn gekeerd. “Ik heb nu hetzelfde niveau als Dorian. Kiran kan het ook, zo is nu algemeen de mening als het gaat over het winnen van grote wedstrijden en het bereiken van de Spelen. Dat heb ik in 2018 wel bereikt.”

Absoluut hoogtepunt

Tijdens het WK in het Italiaanse Torbole dit jaar zullen dan ook veel ogen gericht zijn op de tweestrijd tussen ‘Kier’ en ‘Door’.  Met evenveel belangstelling volg ik later in het jaar tijdens het WK Finn in Melbourne (Australië)  de verrichtingen van Nicholas Heiner, die in de Finn-klasse het vizier op Tokyo heeft gericht.

Als Laser-zeiler wordt Nicholas Heiner in 2014 wereldkampioen. Een absoluut hoogtepunt in zijn sportieve loopbaan tot nu toe. Zoals het mislopen van de Spelen in Rio 2016 een dieptepunt is. In Tokyo wil, nee moet hij wel van de partij zijn. Om in de voetsporen van zijn vader Roy te treden. Die won in 1996 op de Spelen van Atlanta de tot dusverre enige medaille voor Nederland in de Finn-klasse.

Zijn vader heeft hem nooit gepusht, zo verzekert Nicholas Heiner. “Sterker, ik heb altijd alles zelf moeten doen. Veel vaders hielpen hun kinderen met het trainingsklaar maken van de boot. Mijn vader niet. Hij bracht me met de auto heen en ging koffie drinken als ik mezelf en mijn materiaal voorbereidde. Na de training moest ik zelf ook weer alles opruimen. Mijn vader was heel duidelijk, ik moest het zelf willen en doen, mijn motivatie moet volledig intrinsiek zijn.”

Vooruitkijken

Dat die motivatie intrinsiek is, daarover twijfelt niemand. Enthousiast en gedreven werkt Nicholas aan zijn sportieve doelen. Met nu als eerste hoofddoel de Olympische Spelen in 2020. Het seizoen 2018 geeft hem volop vertrouwen op de juiste weg te zitten. “Ik kijk terug op een goed jaar. Eigenlijk een heel goed jaar. Alleen het had beter gekund, het had beter gemoeten”, zo zegt Nicholas Heiner, bovenal doelend op het verloop van het WK in Aarhus. Lange tijd leek hij op een medaille af te stevenen, maar het werd na een teleurstellende medalrace uiteindelijk een zesde plek in het eindklassement. Concurrent voor kwalificatie voor de Spelen, Pieter-Jan Postma, werd bovendien derde.

Is Nicholas Heiner bang voor een scenario zoals in 2016, toen hij ‘heel zuur’ op een haar na de Spelen mist? “Natuurlijk speelt dat weleens door mijn hoofd. Maar nooit lang. Ik kan de knop makkelijk omzetten. Ik moet gewoon mijn ding blijven doen. Ik sta niet voor niets eerste op de wereldranking. Op een aantal punten moet ik dit jaar verbeteren, waaronder de aanpak van de medalrace. Die vaar ik vaak nog wat te behouden. Dat werkt wel over een serie van wedstrijden, maar niet in een allesbeslissende medalrace. Dan moet ik meer lef tonen, met de ogen buiten de boot op zoek naar kansen, op zoek naar de juiste stroming en wind. Gewoon risico’s durven nemen. Een kwestie van goed vooruitkijken. Daarin moet ik meer ervaring opdoen, waarvoor het maken van uren op het water belangrijk is.”

Die uren zal Nicholas Heiner zeker maken. Net als bij Lilian de Geus, Maxime Jonker en Kiran Badloe staat in dit pré-olympisch jaar bij de Finn-zeiler de drive op ‘volle vaart vooruit!’. In het volgen van deze gedreven zeiltalenten, heb ik nu al de overtuiging dat het boek in 2020 bol staat van mooie hoofdstukken, over alles wat er bij het nastreven van een Olympische droom om de hoek komt kijken. Met wie weet…gouden slotpagina’s.

Terug