Lilian de Geus, Kiran Badloe, Maxime Jonker en Nicholas Heiner ieder met eigen verhaal op weg naar Tokyo Samengeknepen billen, gaaf om te leren, aftikken en…rust!

Samengeknepen billen, gaaf  om te leren, aftikken en…rust!

Vier toptalenten, één doel, de Olympische Zomerspelen van Tokyo. Gedreven hebben Lilian de Geus, Maxime Jonker, Kiran Badloe en Nicholas Heiner de voorbije jaren gewerkt aan het realiseren van hun sportieve droom. Ik volg de zeilers sinds 2017, vanaf de wal, op de voet. Meteen na de Spelen moet dat een ‘open’ boek opleveren over hun weg naar Tokyo en bij kwalificatie hun ervaringen op de Spelen zelf. Elk met haar of zijn eigen verhaal. In deze Olympische uitgave van Sportjaar 2020,  de tussenstand van ieders reilen en zeilen. Dit jaar gaat het gebeuren, of…?

Door haar RS:X-wereldtitel in Aarhus en een tweede plek tijdens een World Cup een paar weken daarna op het Olympische water in Tokyo, verzekert Lilian de Geus zich al in 2018 van een ticket voor de Spelen van 2020. Als eerste Nederlandse sporter. Bij het ter perse gaan van Sportjaar 2020 heeft Finn-zeiler Nicholas Heiner inmiddels ook de zekerheid van deelname. Kiran Badloe daarentegen is nog volop in strijd met de regerend Olympisch kampioen bij de mannen in de RS:X-klasse, zijn vriend en trainingsmaat Dorian van Rijsselberghe. In februari wordt duidelijk wie van de twee voor Nederland aan de start staat in Tokyo. Voor Maxime Jonker is die helderheid al in de loop van afgelopen jaar gekomen. Per discipline mag elk land in de zeilsport maar één deelnemer afvaardigen. In de klasse van Maxime Jonker, de laser radial, gaat Marit Bouwmeester, net als Dorian van Rijsselberghe regerend Olympisch kampioen.

Tot in detail

Toch zet Maxime Jonker de ‘Road to Tokyo’ door. Aan de zijde van diezelfde Marit Bouwmeester. Om van dichtbij te ervaren wat acteren op het absoluut allerhoogste topsportniveau betekent. Dat kan bij niemand beter dan bij Marit Bouwmeester. Maxime Jonker daarover: “Mijn grote doel blijft het halen van de Olympische Spelen. Dat kan voor mij dus op z’n vroegst in 2024. En dan ben ik al einde twintig. Om op dat moment zo optimaal mogelijk aan de start te staan, is het goed al een keer te ervaren wat er allemaal om de hoek komt kijken op weg naar een Spelen. Ik kan nu in de keuken kijken van een Olympisch kampioen en van dichtbij meemaken wat er allemaal speelt, van media-aandacht tot trainingen, van wat je als topsporter moet doen en laten, tot in elk detail.”

Mooi voorbeeld noemt Maxime Jonker het invaren van Marit Bouwmeester voor een wedstrijd. Maxime Jonker: “Marit doet dat altijd in haar eentje, ik altijd met een paar andere zeilsters, Daphne van der Vaart en Mirthe Akkerman. Ieder van ons pakt dan net een andere route, waardoor we ervaringen kunnen uitwisselen. Ik beschouwde het in haar eentje invaren door Marit als solistisch, als egoïstisch. Dat soort termen. Maar wat blijkt, dat doet ze juist heel bewust met oog op de Spelen. Omdat er dan maar eentje per land aan de start verschijnt, moet je op dat moment in je eentje invaren. Of je wilt of niet. Door dat ook bij andere wedstrijden te doen, maak je dat tot een gewoonte. Dan is het tijdens de Spelen plots niet anders dan anders. Dat soort details, daar zo bewust mee bezig zijn, zo bereid je je dus optimaal voor. Het is met andere woorden geen kwestie van solistisch optreden, maar van tot in detail met je sport bezig zijn. Dat vind ik heel gaaf. Daar kan ik veel van leren.”

Maxime Jonker blijft bij het hele traject van Marit Bouwmeester richting Tokyo aangesloten. Ook als dat ten koste gaat van een eigen deelname dit sportaar aan een EK of WK. “Mijn grote doel is en blijft de Spelen. Daarom investeer ik graag in mijn ontwikkeling als mens en topsporter door met Marit de  hele weg te ervaren en te beleven”, verklaart Maxime Jonker haar keuze.  “We vormen met ook Daphne en Mirthe een sterk team, waardoor Marit zonder buitenlandse inbreng zich naar het gewenste Olympische niveau kan tillen. En zonder buitenlandse inbreng betekent dus ook dat de concurrentie niet in haar keuken kan kijken. Dat geeft Marit een goed gevoel. Zoals het haar ook een goed gevoel geeft dat wij voor sterke tegenstand tijdens de trainingen zorgen.  De trainingen worden op hoog niveau afgewerkt. Dat is voor alle betrokkenen gunstig. Iedereen wordt daar beter van, ook Marit.”

Eigen plaatsingsreglement

Daar waar Maxime Jonker Marit Bouwmeester als ‘klasse-genoot’ heeft, treft Kiran Badloe de gouden medaillewinnaar van Londen 2012 en Rio 2016: Dorian van Rijsselberghe. In hun sportieve omgeving worden ze ‘Kir’ en ‘Dor’ genoemd. Het tweetal is elkaars concurrent op weg naar Tokyo, maar ze zien elkaar nog altijd veel meer (en liever) als vrienden en als het ideale duo om samen te trainen.

Uniek is ook het kwalificatiesysteem voor de Spelen voor de twee windsurfers in de RS:X-klasse. Dorian van Rijsselberghe en Kiran Badloe hebben hun eigen plaatsingsreglement mogen bedenken. In hun opzet valt de beslissing pas in februari van dit Olympisch sportjaar. Wie opgeteld en wel het beste presteert op de WK’s van afgelopen twee jaar en de komende wereldkampioenschappen in Melbourne (februari), pakt het ticket. De stand is nu exact gelijk. Terwijl ‘Dor’ de titel in 2018 pakt net voor ‘Kir’, zijn de rollen in 2019 precies omgekeerd: eerste Kiran Badloe en tweede Dorian van Rijsselberghe.

Gewoon shit

De voorbereiding op dat gewonnen WK verloopt voor Kiran Badloe evenwel niet goed. Tijdens het testevent op het Olympische water, zo’n twee maanden voor het WK, moest hij voortijdig stoppen. Een flinke tegenvaller. “Zeker weten. Dat was gewoon shit, hoewel ik er naar de buitenwereld vrij luchtig over deed. Tijdens de wedstrijd voor dit testevent had ik ook last van mijn rug. Maar het leek weg. Helaas, dat bleek dus niet het geval. Sterker, ik moest besluiten te stoppen. Dat is sowieso moeilijk voor een sporter. Je gaat van start om voor een resultaat te gaan, niet om af te haken. In overleg met de dokter en de fysio heb ik toch dat besluit genomen. We wilden natuurlijk geen risico’s lopen met het oog op het WK. En heel eerlijk, je kunt wel doorgaan met zo’n testwedstrijd om het Olympische water en de lokale omstandigheden beter te leren kennen,  maar als dat één van je kwalificatiewedstrijden in gevaar brengt, dan is stoppen in feite de enige optie. Wat heb je er immers aan alles te weten van wat je op Olympisch water te wachten staat, als je je vervolgens niet kunt plaatsen. Maar moeilijk is het wel. Het gaat toch in je hoofd spelen. Shit, mijn rug gaat dadelijk mij het WK kosten en dus einde Tokyo. Dat ging zeker op een paar momenten door mijn gedachten. Ik kan niet zeggen dat het stress heeft opgeleverd, maar je staat wel even met samengeknepen billen.”

Bij nader onderzoek bleek niets ernstigs. Geen hernia, geen beschadigingen aan de wervelkolommen of iets dergelijks. Kiran Badloe: “Dat was een hele geruststelling. Het aangepaste programma onder leiding van mijn fysio, heeft me weer helemaal fit gekregen. Ik heb uit voorzorg nog wel een brace laten maken, en die ook tijdens het WK gedragen. In een bepaalde houding bij vermoeidheid voelde ik soms in de weken voorafgaand aan het WK nog pijn. Met die brace niet. Die pijn kon geen kwaad, zo verzekerde de dokter, ik kon niets kapot varen. Maar toch, tussen de oren geeft het geen goed gevoel en kan het afleiden. Dus vandaar puur uit voorzorg die brace. Tijdens het WK heeft de rug voor mijn gevoel geen enkele belemmering gevormd. Ik kan niet zeggen of ik zonder last van mijn rug in de voorbereiding, een beter WK had afgewerkt. Nee, ik heb daar gewoon super gevaren. En in de strijd met Dorian heeft het ook geen enkele invloed. Had ik een beter WK gevaren, dan was ik enkel en alleen met meer overtuiging wereldkampioen geworden. Maar dat telt in onze puntentelling niet mee.”

Na een periode van wat gas terug, heeft Kiran Badloe in de laatste maanden van 2019 de draad weer intensief opgepakt. Dit jaar moet het gaan gebeuren. De wereldtitel heeft hem veel voldoening en vertrouwen gegeven, maar Kiran Badloe weet ook dat hij vol aan de bak moet. Met eerst het WK, waar de hoofdprijs kwalificatie voor Tokyo moet worden. “Ik geloof dat het kan. Daar zit niks arrogants bij. Dor is de voorbije twee keer voor Nederland naar de Spelen gegaan. Nu is het mijn beurt. We zijn beide hartstikke goed. Maar nu heb ik me zo ontwikkeld, dat ik deelname ga afdwingen.”

Geen gat in de lucht gesprongen

Deelname afdwingen, voor Nicholas Heiner is dat niet meer nodig. Hij plaatst zich afgelopen jaar voor de Spelen. Tijdens het EK in mei in het Griekse Athene houdt hij zijn concurrent Pieter-Jan Postma ver achter zich. Ik ontmoet Nicholas Heiner vlak na zijn kwalificatie in lunchcafé Dubbel & Dwars, een stamplek in zijn woonplaats Enkhuizen. Ik vraag hem naar zijn eerste reactie en gevoel nadat duidelijk is geworden dat Tokyo een feit is. Hij zwijgt even, denkt na hoe zijn gevoel te verwoorden. “Raar… Ik heb geen gat in de lucht gesprongen. Het was meer een doel dat even moest worden afgetikt. En daarin had ik ook alle vertrouwen.”

Maar je gaat nu wel definitief naar de Spelen…

“Zeker. En dat is heel mooi. Maar de nummers 1 en 2 tijdens het EK had ik de hele winter achter me. En nu niet.”

Weer valt er even een stilte. Om te vervolgen met: “Aan de andere kant, ik moet naar mijn langere termijn doelstelling kijken. Plaatsen voor Tokyo. En dat doel is gerealiseerd.”

Op welk moment tijdens het EK dacht je: nu is het ticket voor Tokyo binnen?

“Heel feitelijk op de vrijdag, toen definitief was dat Pieter-Jan zich niet voor de medalrace had gekwalificeerd. Maar een dag eerder al feliciteerde hij me. Ik dacht top, hé gast je geeft het op, je geeft bij deze toe verslagen te zijn. En wat ik ook al had gezien halverwege de week was een peptalk voor Pieter-Jan door één van de mensen uit zijn begeleidingsteam. Ja, dan weet je dat het in ieder geval niet lekker gaat. Maar juichen op één van die momenten was er niet bij. Da’s te vroeg. Je mag pas juichen als het echt definitief is.”

Maar uitbundig juichen zie en hoor ik je niet doen, terwijl je wel defintief zeker bent van de door jou ozo gewenste Spelen. En je hebt EK-brons bemachtigd.

“Brons… Ja, ik ben derde geworden in het opgeschoonde klassement. Dat is typisch in onze sport. Bij een EK zeggen we tegen elke zeiler van alle andere werelddelen ‘kom lekker meedoen, maar je kunt geen medaille winnen’. Ik had vier concurrenten voor me, als ik kijk naar de niet opgeschoonde lijst. Anders gezegd: met het oog op de Spelen had ik vier concurrenten voor me. Kijk ik kritisch naar het EK, en dat moet je als topsporter doen, dan had ik meer moeten laten zien. Heel simpel.”

Winnen!

Als ik Nicholas Heiner in het najaar op dezelfde plek opnieuw spreek, klinkt hij wel heel tevreden over zijn prestaties in 2019. Hij staat op het punt voor een langere tijd naar Nieuw-Zeeland te gaan, met in die periode ook het WK. Nicholas Heiner straalt energie en zelfvertrouwen uit. En in woorden is het niet anders. Bijvoorbeeld als ik hem vraag naar het doel van het WK in Melbourne, dat tijdens het drukken van dit boek op het programma staat. Nicholas hoeft nu geen moment na te denken. Het antwoord komt per omgaande, kort en krachtig: “Winnen!” Om na een moment van stilte te vervolgen met:  “Het WK is geen piekmoment zoals de Spelen zullen zijn. Ik zal minder gas terugnemen in de weken vooraf dan straks op weg naar Tokyo. Maar ik wil er wel graag staan.”

Het zelfvertrouwen van Nicholas Heiner is vorig sportjaar vooral gegroeid tijdens een tweetal evenementen op Olympisch water in Tokyo. Een testwedstrijd en een World Cup. “Ik heb zeker een bak zelfvertrouwen overgehouden aan mijn verblijf in Japan. Een tweede en een eerste plek op twee topevenementen. Prachtig. Tijdens het evenement dat ik won waren de Engelsen en Nieuw-Zeelanders er niet bij, dat besef ik. Maar neem Berenz uit Hongarije. Hij won het testevent, maar tijdens de World Cup kwam hij er tegen mij niet aan te pas.” En dan met het oog gericht op de Spelen: “De concurrentie komt uit Hongarije, Nieuw Zeeland en Engeland. Qua niveau zitten we heel dicht bij elkaar. Maar ik wil in Tokyo die gouden plak. En dan is het mooi om te ervaren dat ik overeind blijf aan het slot van de races, terwijl de anderen teugvallen. Dat zegt iets over mijn fysieke en conditionele kracht. En ook over mijn stabiliteit. Ik sta er altijd, onder welke wisselende omstandigheden dan ook.”

“Ik weet goed wat dit jaar nog verder moet worden ontwikkeld op weg naar Tokyo. Het is een mix van een aantal zaken. Een gedeelte materiaal, een gedeelte fysiek, een aantal technische punten. Maar het zijn allemaal kleine dingen die afgetikt kunnen worden. En ik wil ook nog volop tijd doorbrengen in Tokyo om de wind en het water ter plekke nog beter te analyseren. Het plan is om goud te winnen. Dat wil niet zeggen dat ik met het winnen van zilver of brons niet blij zal zijn. Maar ik ga voor goud. Daar is alles op afgestemd. Daar doe ik het voor.”

Oppermachtig

Vol vertrouwen toewerken naar de Spelen, dat geldt zeker ook voor Lilian de Geus. De wereldkampioene RS:X van 2018 bevestigt in 2019 met de Europese titel en opnieuw een podiumplaats op het WK, absoluut top te zijn in haar klasse. Hoewel in eerste instantie de bronzen plek op de wereldkampioenschappen als een tegenvaller wordt ervaren. “Maar bekeken vanuit het proces op weg naar Tokyo ben ik wel heel tevreden”, zo stelt Lilian de Geus een paar maanden na de strijd om de wereldtitel. “Het doel op het WK was om mooie races neer te zetten. En dat heb ik gedaan. Sterker, ik heb daar races neergezet die perfect waren! Ook met aflandige wind. Tijdens trainingen had ik op dat punt keihard aan verbeteringen gewerkt. En dan is het fijn om te merken dat het werkt. Ik heb nog nooit eerder meegemaakt dat ik zo oppermachtig tijdens een race was. Zo ver voor de rest, ja, dat is wel gaaf.”

Maar tussen alle goede races zitten ook twee slechte. “Voor een goed eindresultaat is dat er eentje te veel. Ik heb op een paar momenten te veel risico genomen. Daar baalde ik vooral van. Had ik dat niet gedaan, dan had ik wellicht mijn wereldtitel kunnen prolongeren.”

“De voorbereiding op het WK was niet ideaal”, zo vertelt Lilian de Geus vervolgens. “Ik was onvoldoende fit, waardoor de explosiviteit en de conditie niet helemaal op het vereiste niveau zaten. En dan toch derde, dat zegt natuurlijk ook wel iets over mijn niveau.”

“Ik was niet helemaal fit als gevolg van de zware maanden eerder in het jaar in Japan. Die maanden waren eigenlijk te zwaar. In Japan heb ik keihard getraind, veel in lichtweer met de Chinezen. Elke training volle bak in blokken van vijf trainingsdagen en twee dagen rust. Maar als je dat over een langere periode doet, dan begin je dat te voelen. Zeker ook in combinatie met de wedstrijden die ik daar heb gedaan. Daarom dacht ik er goed aan te doen om mijn periode in Japan af te sluiten met een vakantie, samen met mijn vriend Olivier. Maar ook die dagen waren inspannend. We ondernemen samen graag sportieve activiteiten, we trekken graag rond. Kortom, van uitrusten komt het dan ook niet. Terug in Nederland was het hoofd fris, maar fysiek was ik moe. Mijn lichaam stond in het rood.”

Het gevolg: in opdracht van trainer/coach Jacco Koops verplicht niks doen. “Dat is voor mij nog altijd erg lastig. Minder dan vroeger, maar het valt zeker nog niet mee. Jacco moest echt iedere dag bellen om me met de neus op de feiten te drukken en me verplichten te rusten. Pas toen mijn lichaam hersteld was, kon ik aan de voorbereiding van het WK beginnen. Om optimaal fit te zijn was de periode daarvoor inmiddels te kort.”

“De verhouding arbeid-rust is heel belangrijk voor mij. Ik ga daar niet altijd goed mee om. Zoals gezegd: vroeger was dat nog veel erger, dan ging ik altijd door. Ik herinner me nog een vakantie samen met één van mijn broers. De hele week hebben we toen op de surfplank gestaan. Ik kwam drie kilo lichter terug. Ik moet daar verstandiger mee opgaan. Tot op de dag van vandaag wil ik nog weleens te weinig rust pakken. Ik weet bijna zeker, als ik fit en fris was geweest tijdens het voorbije WK, dan was ik opnieuw wereldkampioen geworden.”

Mooie races

In februari is er dit sportjaar een WK-herkansing.  Maar bovenal is de focus gericht op de Spelen. “Hét piekmoment wordt zeker Japan. Ik ga natuurlijk wel naar het WK, maar zal mijn trainingsprogramma daarop niet afstemmen. Met het oog op de Spelen moet ik mijn uren blijven maken. Zo blijft de langlaufstage in januari als fysiek trainingsblok gewoon overeind. Ik wil wel in de top van het klassement meedoen, maar weet dat ik niet maximaal fit zal zijn.”

In de zomer zal dat anders zijn. Tijdens de Spelen wil Lilian topfit zijn. Daar is de voorbije jaren alles op gericht geweest. Haar omgeving, van zeilwereld tot familie en vrienden, verwacht veel van haar. Lilian zelf tempert die verwachtingen maar al te graag. “Ik ga niet zeggen dat ik voor goud ga. Dan leg ik mezelf veel te veel druk op. Ik ga voor het neerzetten van mooie races en dan zien we wel welke plek dat oplevert.”

Dat is makkelijk gezegd, maar beleef je het ook zo van binnen?

“Ja, inmiddels durf ik te zeggen van wel. Natuurlijk hoop ik goud te winnen. Diep van binnen zit die wens. Maar ik weet inmiddels uit ervaring dat als je enkel op het eindresultaat gefocust bent, het tijdens meerdere races misgaat. Windsurfen is een sport waarbij veel externe factoren een rol spelen en die heb je niet in de hand. Je kunt wel plannen, maar van het ene op het andere moment kan het anders lopen. Je moet gewoon van moment naar moment, van race naar race leven, en niet nu al met het eindresultaat bezig zijn.”

Woorden die Jacco Koops als muziek in de oren klinken. Hij kijkt ook met veel vertrouwen naar de Spelen, maar waakt gelijktijdig voor te grote druk bij Lilian. Hoewel hij ook weet dat zijn pupil zich niet meer snel uit het veld laat slaan. Ook niet als het WK als tussenstation naar Tokyo onverhoopt tegen mocht vallen door de mindere focus op dit evenement. “De voorbereiding zal niet zo zijn als op een ander WK. Dat weten we. Maar vergeet niet: Lilian heeft inmiddels een ontzettend hoog niveau. En ze is een pitbull. Dus ze zal daar ongetwijfeld een goede prestatie neerzetten. Mocht dat onverhoopt toch niet zo zijn, dan weten we waarom. En dan ben ik niet bang dat ze in de war raakt, met als gevolg negatieve invloeden op haar prestaties later dit sportjaar in Tokyo. Ze is inmiddels heel volwassen als sportvrouw, ze weet heel goed waarmee ze bezig is. Het zal even balen zijn, maar meer ook niet.”

Wordt vervolgd! Vanaf oktober verkrijgbaar: Gedreven door de Wind, vier topzeilers, één Olympisch doel.

Terug