Corinne Poulidor: “Het maakt me blij dat ik dit zo intensief mag meemaken” Levenslang wielervrouw

Levenslang wielervrouw

Ze is de dochter van de legendarische Franse wielrenner Raymond Poulidor. Ze is getrouwd met Adrie van der Poel, een Nederlandse toprenner in de jaren tachtig en negentig van de vorige eeuw. En ze is de moeder van twee wielrennende zonen, David en Mathieu van der Poel, waarvan laatstgenoemde zowel op de mountainbike als in het veld en op de weg wereldtop is. Krijgt ze kleinkinderen, dan is de kans heel reëel dat ze ook nog de oma wordt van één of meerdere wielrennertjes met toptalent. Zonder dat het voelt als een straf, lijkt Corinne Poulidor levenslang veroordeeld tot wielervrouw.

Nee, die levenslange veroordeling tot wielervrouw is zeker geen straf. Integendeel, Corinne Poulidor geniet met volle teugen. Vooral nu van haar zonen David en Mathieu. “De rol van moeder is het leukste!”, benadrukt Corinne. “Ik ben heel trots op wat ze presteren. Het maakt me blij dat ik dit zo intensief mag meemaken.”

Legende

De prestaties van haar vader heeft ze veel minder bewust meegemaakt. Raymond Poulidor is een legende in de Franse wielerwereld, vooral door zijn tweede plaatsen in de Tour de France in 1964, 1965 en 1974. In 1964 won Poulidor de Ronde van Spanje en hij schreef onder meer ook de klassiekers Waalse Pijl en Milaan – San Remo op zijn naam.

“Ik was 10 toen mijn vader een punt zette achter zijn professionele wielercarrière. Veel heb ik er niet van meegekregen. Achteraf ben ik pas gaan beseffen hoe populair hij was en nog altijd is. Wel jammer dat ik het niet bewust heb meegekregen. Eigenlijk herinner ik me enkel de Tour de France-deelnames van mijn vader. Met mijn zus en moeder was ik dan op vakantie en we keken de laatste deel van de etappes op televisie. Was er evenwel een mooi zwembad bij het hotel, dan verkoos ik dat soms boven de Tour-uitzending. Als klein meisje was mijn vader voor mijn beleving gewoon als alle andere vaders. Ik was me niet bewust van zijn prestaties en bekendheid. Voor mij was het wielrennen zijn werk, zoals andere vaders naar hun werk gaan.”

Geen zin

Corinne Poulidor heeft een tijdje rechten gestudeerd, zonder succes, waarna een studie literatuur is afgerond. Op haar 22ste leerde ze Adrie van der Poel kennen, die toen al onder meer winnaar van de Ronde van Vlaanderen was en als ‘jonkie’ in 1983 tweede op het WK was geworden. Op zijn uiteindelijke erelijst staan onder meer ook drie etappezeges in de Tour de France, de klassiekers Luik-Bastenaken-Luik en de Amstel Goldrace en als veldrijder op het WK naast vijf tweede plaatsen ook de wereldtitel (1996).

“Ik was met mijn vader op vakantie in Martinique”, zo blikt Corinne Poulidor terug op haar eerste ‘date’ met Adrie van der Poel. “Jaarlijks na afloop van het wielerseizoen gingen veel wielrenners en oud-renners daar een paar weken op vakantie. Mijn moeder had dit keer geen zin om mee te gaan en mijn zus, die eigenlijk in haar plaats zou gaan, begon net bij een andere werkgever. Ze vond het niet verstandig om  meteen in de eerste periode van haar nieuwe baan op vakantie te gaan. Dus mocht uiteindelijk ik mee met mijn vader.”

“Ik had altijd gezegd nooit met een wielrenner te willen trouwen. Bij mijn moeder had ik gezien hoe vaak ze alleen thuis was, dat ze altijd in haar eentje voor ons moest zorgen. Ze kon nooit op mijn vader rekenen. En als ie thuis was, dan was het of trainen geblazen of lag hij op de bank te rusten. Ik herinner me nog dat ik als heel klein meisje aan mijn moeder vroeg of papa ziek was. Hoezo, was haar reactie. Omdat hij de hele dag op de bank ligt, verklaarde ik.”

Vaak alleen

Nooit een wielrenner te zullen trouwen: de liefde besliste anders. Wielrenner Adrie van der Poel werd haar man. “En Adrie stond inderdaad bekend als een trainingsbeest, als iemand die volledig voor zijn sport leefde. Zoals tijdens de generatie van mijn vader gewoon was. Net als mijn moeder was ik dus ook veel alleen in Adrie’s wedstrijdjaren. Adrie was wel wat geïnteresseerder dan mijn vader destijds in het reilen en zeilen thuis. Maar in grote lijn was mijn leven in die periode zoals mijn moeder had meegemaakt.”

De eerste jaren samenwonend met Adrie waren moeilijk. Eerst in Nederland, later in België, voelde Corinne Poulidor zich soms alleen. Ze was de taal nog niet machtig, ze miste de familie en vrienden in Frankrijk. “In die beginjaren ging ik dan ook vaak terug naar mijn familie als Adrie aan wedstrijden deelnam. Maar je moet het ook niet zwart-wit zien. Dramatisch was het zeker niet. Ik ben altijd een heel zelfstandig type geweest, die ook goed zo nu en dan alleen kan zijn. Ik heb niet altijd mensen in mijn omgeving nodig.”

Naar de crossen

Met veel plezier volgt Corinne Poulidor nu de verrichtingen van haar twee zonen, waarvan Mathieu bijna wekelijks succesvol is. Op de mountainbike, de wegfiets of op de crossfiets. “Het is schitterend om ze te volgen. Ik ga ook vaak mee. Zeker in de winter naar de crossen. Het is fijn dat ze beide dezelfde sport doen, dat ze beide ook dezelfde wedstrijden rijden. Je hoeft niet te kiezen naar wie je gaat. Stel dat de één wielrent en de ander voetbalt, dan is het vaak keuzes maken of voor de een of voor de ander. Dat probleem ken ik gelukkig niet.”

Over haar rol voor haar wielrennende zonen, is Corinne Poulidor bescheiden. “Ik zorg voor het eten en ben er op wedstrijddagen bij de start en na aankomst voor David. Taken die anderen makkelijk kunnen overnemen indien nodig. Adrie daarentegen is onmisbaar. Hij is de hele week bezig met het verzorgen van het materiaal, inclusief tijdens de wedstrijden. Hij weet precies wat er moet gebeuren. Adrie, David en Mathieu hoeven daarover vaak niks tegen elkaar te zeggen. Een blik is meestal al voldoende wat de wensen van de jongens zijn. Adrie voelt dat perfect aan.”

Groots machtsvertoon

Als geen ander kent Corinne Poulidor vanzelfsprekend haar zonen. Aan hun gedrag kan ze dan ook prima aflezen hoe het met hen is gesteld. “Voor de wedstrijd is David rustig en Mathieu wat drukker. Ik voel perfect aan of de vorm van de dag goed is ja of nee. Begint David te mokken, bijvoorbeeld omdat hij zijn spullen nodig voor de wedstrijd niet snel genoeg kan vinden, dan zit het niet goed. Gaat Mathieu zingend door het huis voordat we naar de koers vertrekken, dan weet je ook hoe het zit. Afgelopen wegseizoen vooraf aan het Nederlands kampioenschap op de weg, straalde hij ’s morgens al zoveel energie uit, dat ik dacht: die gaan we vandaag zien!”

De afloop van die wedstrijd is bekend. Met groots machtsvertoon kroonde Mathieu zich tot Nederlands kampioen op de weg bij de profs. “Als je me vraagt naar hoogtepunten, dan is dit NK er zeker één. Zoals zijn wereldtitels op de weg bij de junioren en in het veld als eerstejaars prof. Die vind ik beide ook heel bijzonder. David heeft als junior heel veel gewonnen. Afgelopen veldritseizoen boekte hij een aantal hele knappe podiumplaatsen. Die van Hoogstraten herinner ik me nog goed. Dat was genieten. Als het over Adrie gaat kijk ik met de meeste trots terug op zijn wereldtitel veldrijden en zijn overwinningen in de Amstel Gold Race en Luik-Bastenaken-Luik. Bij de Gold Race was ik door de chaos in het verkeer te laat bij de finish. Balen op dat moment natuurlijk, maar dat doet niets af aan de waarde van die zege.”

Het gevaar van vallen

De keerzijde van het winnen in de wielersport, zijn de valpartijen. “Het gevaar van vallen houdt me wel bezig. Naar een sprint kijk ik nooit. Tenminste als het een grotere groep is. Bij veldrijden is het in het geval van een sprint meestal slechts tegen één of twee andere renners, dan durf ik wel te kijken. Wat me bij het veldrijden wel angstig maakt, is de start. Met z’n allen gaan ze dan in volle sprint op de eerste bocht af, om zover mogelijk vooraan te zitten als het eerste onverharde pad begint. Die start vind ik verschrikkelijk. Dan kijk ik nooit.”

“Het liefst kijk ik na afloop van een wedstrijd pas de beelden. Dan weet ik al dat er geen vervelende valpartij met David of Mathieu heeft plaatsgevonden, zodat ik daarvoor niet hoef te vrezen. Dat kijkt in ieder geval een stuk prettiger”, aldus Corinne, terwijl in Noorwegen haar zonen in de slotfase van een etappe bezig zijn. “Als dit interview achter de rug is, zijn ze daar klaar en weet ik dus hoe het is afgelopen. Vervolgens kijk ik rustig de beelden van het laatste uur terug.”

Zelf fietst Corinne Poulidor met een vriendin twee keer per week op de racefiets zo’n 60 á 90 kilometer. “Echt puur voor de gezelligheid”, benadrukt ze. “Wellicht gaan we tijdens de wintermaanden nu ook voor het eerst de mountainbike op, zodat de conditie niet helemaal is weggezakt als het voorjaar aanbreekt en het weer tijd is voor tochten op de racefiets.”

Kleinkinderen

Wat het wielerjaar 2019 haar zonen aan resultaat brengt, dat is natuurlijk ook voor Corinne Poulidor een vraagteken. Mathieu gaat in ieder geval weer een gooi doen naar de wereldtitel veldrijden. Daarnaast wil hij serieuze vervolgstappen zetten op weg naar zijn deelname als mountainbiker aan de Olympische Spelen een jaar later en meer dan voorheen zijn talenten tonen op de weg. Zeker in het voorseizoen.

Corinne Poulidor gaat de verrichtingen van haar mannen weer met veel interesse en plezier volgen. Of ze daarbij vrouwelijk gezelschap krijgt, ook dat is een vraagteken voor haar. Zowel David als Mathieu heeft op dit moment geen relatie. “David heeft wel een serieuze relatie gehad, vijf jaar. Een hele leuke meid. Maar nu is ook hij weer single. Wat meer vrouwen hier in huis, zou ik wel leuk vinden”, zegt ze met een lach. “Geeft extra gezelligheid, en ook weer een andere dynamiek. Maar vanzelfsprekend, dat loopt zoals het loopt. Daar valt niks aan te plannen. Vroeg of laat zal het zeker gebeuren.”

Voor je het weet breekt  dan weer een nieuwe fase aan, die van oma. Corinne lacht: “Inderdaad, na dochter, vrouw en moeder wellicht de oma van. Als ik zie hoe intensief mijn vader en moeder de verrichtingen van hun kleinkinderen volgen, en hoeveel plezier ze daaraan beleven, dan lijkt me ook dat een mooie tijd”, blikt Corinne Poulidor vooruit. Ter onderstreping van: levenslang wielervrouw is allesbehalve een straf.

Terug